Meestgestelde vragen

Wat is variabel pensioen?

Wat is variabel pensioen?

Variabel pensioen komt voor bij pensioenregelingen op basis van een premieovereenkomst (voorheen beschikbare premie genoemd). Een premieovereenkomst wil zeggen dat van tevoren niet vaststaat hoe hoog jouw pensioenuitkering zal zijn. De pensioenpremie staat centraal (en dat is het enige dat echt bekend is) en wordt belegd in fondsen die worden aangeboden door de pensioenuitvoerder waar de regeling loopt. Op de pensioendatum is er dan een belegd bedrag beschikbaar waarmee je een pensioenuitkering aankoopt. Deze uitkering is levenslang, dat is wettelijk bepaald.

Variabel pensioen, ook wel doorbeleggen na pensioendatum genoemd, is mogelijk sinds 1 september 2016 door de invoering van de Wet Verbeterde Premieregeling. Tot die datum was de pensioenuitkering die je aankocht tijdens de gehele uitkeringsduur altijd gelijkblijvend, deze wijzigt dus niet meer. Is dat erg dan? Op zich niet want dan weet je wel waar je vanaf je pensioendatum nadat je pensioen hebt aangekocht op kunt rekenen. Maar dat wordt anders wanneer uitgerekend op het moment dat jij met pensioen gaat de tarieven in de markt op de aankoopdatum erg laag zijn en de beleggingen bovendien tegenvallen. Dan kun je een (veel) lagere uitkering aankopen met hetzelfde kapitaal dan op een ander moment waarop de tarieven veel beter liggen. Je zou je pensioen nog kunnen uitstellen maar dan heb je geen inkomen….

Een oplossing daarvoor biedt de nieuwe mogelijkheid tot aankoop van een variabele uitkering sinds de invoering van de Wet Verbeterde Premieregeling. Door deze mogelijkheid kun je eventueel profiteren van en meebewegen met de ontwikkelingen op de markt.

Hoe werkt dit dan?
Dat verschilt een beetje per aanbieder van dit soort producten. Wanneer je kiest voor een variabele uitkering dan staat die uitkering over het algemeen voor 1 jaar vast. Elk jaar wordt het restant kapitaal steeds belegd en wordt aan het begin van het nieuwe uitkeringsjaar de uitkering opnieuw vastgesteld. Zijn er positieve rendementen gehaald? Dan wordt de uitkering in het nieuwe jaar hoger. Vielen de rendementen tegen? Dan wordt de nieuwe uitkering lager. De uitkering kan dan dus van jaar tot jaar verschillen. Bij sommige aanbieders kun je ook een combinatie aankopen van een deel vaste, dus gelijkblijvende (en niet van rendementen afhankelijke) uitkering en een variabele uitkering. De variatie geldt over het algemeen niet alleen voor het ouderdomspensioen (zo lang je in leven bent) maar ook voor het partnerpensioen (uitkering voor je partner wanneer je na je pensioendatum overlijdt). Er zijn echter ook aanbieders waar je de ouderdomsuitkering kunt laten variëren en de partneruitkering wel vast aankoopt. Dat levert dan voor de partner minder onzekerheid op.

Het is van belang je hierbij goed te laten adviseren en de mogelijkheden van de diverse aanbieders op een rij te laten zetten. Het Twents Pensioenbureau kan je hierbij behulpzaam zijn.

Mijn ex-partner wil niet meewerken aan verdeling van pensioen, wat nu?

Volgens de huidige wetgeving heb je volgens de standaard verdeling recht op de helft van het ouderdomspensioen dat je ex-partner tijdens de huwelijkse periode heeft opgebouwd. Voor deze standaard verdeling heb je geen medewerking of toestemming van je ex-partner nodig. Je kunt dan zelf het Mededelingsformulier in verband met verdeling ouderdomspensioen bij scheiding downloaden, invullen en aan de pensioenuitvoerder van je ex-partner sturen. Doe je dit binnen 2 jaar na inschrijving van de echtscheiding in de Gemeentelijke Basisadministratie dan is de pensioenuitvoerder verplicht aan dit verzoek te voldoen volgens de standaard verdeling. Kom je er niet uit? Neem dan contact op met Het Twents Pensioenbureau.

Het wordt natuurlijk anders wanneer je een andere verdeling wilt afspreken. Dan is toestemming en medewerking van de ex-partner wel vereist. Het kan zijn dat je dit in het echtscheidingsconvenant hebt vastgelegd of misschien al in huwelijkse voorwaarden of partnerschapsvoorwaarden voorafgaande aan het huwelijk of de partnerschapsregistratie. Dat is dan bepalend voor de uitvoering.

Er is nieuwe wetgeving in de maak waarmee aanpassingen in deze wetgeving worden doorgevoerd. Het Twents Pensioenbureau volgt dit en zal hierover publiceren wanneer hierover meer bekend is.

Flexpensioen ABP omzetten naar extra ouderdomspensioen?

“Ik heb een brief ontvangen van het ABP waarin men aankondigt mijn Flex Pensioen om te willen zetten naar extra ouderdomspensioen. Ik kan hier ook bezwaar tegen maken. Wat is verstandig?”
Dat hangt van je eigen omstandigheden en wensen af. Over het algemeen levert het wel wat voordelen op. ABP geeft zelf een aantal nadelen van Flexpensioen in hun brief weer, dit is echter niet helemaal volledig. Je moet voor jezelf op een rijtje zetten hoe je pensioenplaatje er uit ziet met en zonder omzetting. In de MijnABP omgeving kun je hier ook berekeningen voor maken. Deze berekeningen heb je ook echt nodig om de vraag voor jezelf te kunnen beantwoorden en een verantwoorde keuze te maken. Bij twijfel altijd even een pensioenadviseur raadplegen, Het Twents Pensioenbureau heeft hier al meerder cliënten mee geholpen.

Is er voor mijn partner en kinderen eigenlijk wel iets geregeld bij overlijden?

Bij een overlijden komt er naast het verwerken van het verdriet en regelen van de uitvaart best wel veel op de partner en/of nabestaanden af. Wat moet er eigenlijk allemaal geregeld worden?
Er is een hele handige interactieve checklist op de website van de rijksoverheid te vinden. Door te klikken op onderstaande link kom je in de checklist en kun je aan de hand hiervan actie ondernemen daar waar dat nodig is.

Overlijden: wat moet ik regelen

Naast hele praktische zaken zoals in de checklist opgenomen, is het van belang in ieder geval te weten of de achterblijvende partner en eventuele kinderen in hun levensonderhoud kunnen blijven voorzien en in de huidige woning kunnen blijven wonen. Je moet dan een goed beeld hebben van de inkomenssituatie die na zo’n overlijden voor de partner ontstaat. Welke inkomsten blijven er over? Is dat voldoende om van rond te komen? Hele terechte vragen waar Het Twents Pensioenbureau je mee kan helpen.

De vraag is natuurlijk wie er voor jou iets kan hebben geregeld voor de situatie dat je overlijdt en je partner en eventueel kinderen achterblijven. In Nederland kennen we in hoofdlijn 3 lagen (ook wel pijlers genoemd) waarbinnen dit soort zaken geregeld kan zijn:

Laag 1 is alles wat de overheid regelt,
Laag 2 is alles wat jouw werkgever regelt,
Laag 3 is alles wat jij zelf privé kunt regelen.

Laag 1 De overheid:
wat is er op gebied van een partnerinkomen bij overlijden geregeld? Hiervoor geldt een volksverzekering, de Algemene Nabestaandenwet (ANW). Wanneer komt je partner voor een ANW uitkering in aanmerking? Er gelden twee criteria, je partner dient aan één van deze criteria te voldoen:
1. je partner moet kinderen verzorgen die jonger zijn dan 18 jaar OF
2. je partner dient voor meer dan 45% arbeidsongeschikt te zijn

Bij de vaststelling van de hoogte van de uitkering voor jouw partner wordt rekening gehouden met de inkomsten die jouw partner zelf heeft. Afhankelijk van het soort inkomen vindt er een korting op de ANW uitkering plaats. De ANW uitkering ontvangt je partner tot zijn of haar AOW leeftijd. Daarnaast is het zo dat wanneer je partner alleen aan het eerste criterium voldoet de ANW uitkering stopt zodra het jongste kind de 18-jarige leeftijd heeft bereikt.

Laag 2 De werkgever:
het kan zijn dat er via jouw loondienstverband iets is geregeld door jouw werkgever. Dit kan al dan niet via een cao geregeld zijn. Een vervangend inkomen bij overlijden is meestal geregeld via de pensioenregeling. Er is dan bijvoorbeeld sprake van een partner en/of wezenpensioen en eventueel nog een ANW-hiaat verzekering. Deze laatste kan ook apart geregeld zijn bijvoorbeeld wanneer er geen sprake is van een pensioenregeling. Als er sprake is van een actieve pensioenregeling dan ontvang je jaarlijks een Uniform Pensioen Overzicht (UPO) waarop je kunt terugvinden hoeveel je partner en kinderen krijgen na jouw overlijden. Het komt soms voor dat een partnerpensioen of de ANW-hiaat verzekering een keuze is, daarbij is het dan wel van belang dat je dit weet en hierop ook tijdig actie onderneemt wanneer dit het geval is. Twijfel je? Vraag dan je werkgever of pensioenuitvoerder.

Laag 3 Privé voorziening:
naast de voorzieningen in de eerste twee lagen kun je zelf ook maatregelen treffen. Waar het om gaat is dat jouw partner voldoende vermogen heeft om zijn of haar inkomen aan te vullen wanneer de eerste twee lagen niet voldoende inkomsten bieden. Je kunt hiervoor bijvoorbeeld een overlijdensrisico verzekering afsluiten. Er zijn verschillende mogelijkheden en vormen, vraag hierover advies bij een deskundige. Deze deskundige dient overigens wel een speciale (WFT) vergunning te hebben om bij dit soort financiële producten te mogen adviseren en eventueel bemiddelen.

Hoe zit het met pensioen en echtscheiding?

Sinds 1 mei 1995 geldt de Wet Verevening Pensioenrechten bij scheiding, afgekort VPS. Dat is de wet die op dit moment ook nog van toepassing is. De wet zelf is natuurlijk best wel uitgebreid. Het belangrijkste is te weten dat de scheidende partners over en weer recht hebben op verevening van de pensioenaanspraken die tijdens de huwelijkse periode zijn opgebouwd. De standaardverdeling is 50% van deze aanspraken maar daar kan van afgeweken worden. Wanneer binnen 2 jaar na inschrijving van de echtscheiding in de gemeentelijke basis administratie een melding wordt gedaan bij de betreffende pensioenuitvoerders dan zijn deze pensioenuitvoerders verplicht het verevende deel waar de ex-partner recht op heeft apart te administreren en uit te keren bij pensionering. Wanneer je deze melding niet binnen deze twee jaar doet dan heb je wettelijk nog steeds recht op het te verevenen deel maar dan zul je dat deel te zijner tijd bij pensionering van je ex-partner zelf bij hem of haar op moeten eisen.

Er is ook een mogelijk om bij echtscheiding van enige vorm van verevening af te zien. Dit kun je regelen bij de scheiding zelf (dit wordt dan in het echtscheidingsconvenant vastgelegd) of voorafgaand aan het huwelijk door vastlegging in huwelijkse voorwaarden. Het is bovendien zo dat je in principe voor de ontvangst van het verevende pensioendeel afhankelijk bent van het moment van pensioneren van je ex-partner. Je ontvangt dit dus pas vanaf het moment dat je ex-partner met pensioen gaat. Dit kun je voorkomen door middel van conversie, laat echter goed voor je uitzoeken en berekenen of dit gunstig is!

Ben je in het verleden gescheiden voor 1 mei 1995 dan gelden er andere regels. Wanneer je twijfelt of dit destijds is geregeld check dit dan nog even.
Er wordt op dit moment gewerkt aan een wijziging in de wetgeving. Dit is nog niet concreet en de verwachting is dat dit 1 januari 2020 wel het geval is en dan deze wijzigingen dan ook ingaan. Dit zal dan dus gaan gelden voor echtscheidingen die na deze datum plaatsvinden. Het Twents Pensioenbureau zal dit volgen.

Hoe vul ik mijn zorgplicht als werkgever ten aanzien van pensioencommunicatie in?

Communicatie rondom pensioen is erg lastig en is een voortdurend proces. Naast beschikken over pensioenkennis en kennis van (actuele) wetgeving is het ook van belang dit goed te kunnen vertalen naar heldere informatie voor de werknemer. En dat is een vak op zich. Werknemers moeten inzicht krijgen en houden in hun pensioensituatie maar ook de situatie na overlijden verdient daarbij bijzondere aandacht. Een werknemer moet weten of en zo ja, wanneer hij actie moet ondernemen. Daar is de werknemer uiteraard zelf verantwoordelijk voor, laten we dat niet vergeten. Maar……dan moet hij wel beschikken over juiste en tijdige informatie.

Het is verstandig pensioencommunicatie uit te besteden aan een deskundige, het vereist namelijk expertise. En let wel, niet alleen de werknemer die in dienst is dient informatie over de pensioenregeling te ontvangen maar juist ook de nieuwe werknemer die in dienst gaat komen. Ook in deze zogenoemde pre contractuele fase dient de nieuwe werknemer precies te weten in wat voor soort regeling (met alle ins en outs) hij gaat deelnemen. Het is heel gebruikelijk dat een nieuwe werknemer voor zijn arbeidsovereenkomst ingaat weet hoeveel hij gaat verdienen, de primaire arbeidsvoorwaarde. Echter de secundaire arbeidsvoorwaarden, en daar maakt pensioen deel van uit, dienen ook compleet helder te zijn voor een nieuwe werknemer.

Onderneem als werkgever actie en stel goede pensioencommunicatie niet uit!

Welke mogelijkheden heb ik als ondernemer voor een oudedagsvoorziening?

Om deze vraag te kunnen beantwoorden is het van belang een onderscheid te maken in welk soort ondernemer u bent. Ben u IB ondernemer (Inkomstenbelasting via bijvoorbeeld winst uit onderneming zoals bij een eenmanszaak, vennootschap onder firma of als ZZP’er) dan heeft u andere mogelijkheden dan een Directeur Grootaandeelhouder (DGA) van een BV. Om met de laatste te beginnen, als DGA kunt u zichzelf daadwerkelijk vanuit de BV een pensioen toezeggen. Dit mag sinds gewijzigde wetgeving niet meer in eigen beheer zoals dat in het verleden voorkwam. Dit zal dan extern uitgevoerd c.q. ondergebracht moeten worden bij bijvoorbeeld een verzekeraar of premiepensioeninstelling (mede afhankelijk van de soort toezegging) Het is van groot belang u hierbij goed te laten adviseren. Kenmerkend voor zo’n pensioentoezegging is dat het dienstverband van de DGA met de BV van waaruit de toezegging wordt gedaan hieraan ten grondslag ligt. Om echt pensioen te kunnen toezeggen, en dat geldt in het algemeen, moet er sprake zijn van een dienstverband. Vandaar dat een IB ondernemer deze mogelijkheid niet heeft. Kan een IB ondernemer dan geen oudedagsvoorziening treffen? Jazeker wel. Waar het om gaat is dat de IB ondernemer op de gewenste pensioendatum voldoende vermogen heeft om, bovenop de AOW, een oudedagsinkomen te kunnen financieren. Er zijn diverse mogelijkheden om naar dit vermogen toe te werken. Je kunt hierbij denken aan sparen of beleggen (al dan niet in lijfrentevorm in box 1 of in gewoon in box 3) of misschien het beleggen in (bijvoorbeeld het kopen van) onroerend goed. Wellicht dat er via de verkoop of verhuur van onroerend goed extra inkomsten bovenop de AOW kunnen worden gerealiseerd. Overigens heeft de DGA deze mogelijkheden ook gewoon. Je zou dus concluderen dat de DGA meer mogelijkheden heeft voor de opbouw van een oudedagsvoorziening dan een IB ondernemer. Laat je hierbij goed adviseren!

Moet ik pensioen regelen voor mijn personeel?

Je bent werkgever en je vraagt je af of je pensioen moet regelen voor je werknemers. Is dat verplicht? Het antwoord is even simpel als ook complex. In de wet heeft de overheid geen pensioenplicht opgenomen. Dus nee, het is in principe niet verplicht om pensioen voor je personeel te regelen. Hoe kan het dan dat er voor heel veel bedrijven toch sprake is van een pensioenverplichting? Dat vloeit voort uit de bedrijfstakken zelf die voor hun specifieke bedrijfstak een pensioenplicht hebben bepaald. Deze plicht heeft vervolgens wel een wettelijk kader, de Wet Bpf2000, maar kan ook in een cao zijn bepaald. De bij zo’n bedrijfstak c.q. cao betrokken partners (werkgever- en werknemer vertegenwoordigingen) bepalen wanneer er voor een bedrijf sprake is van een verplichte aansluiting. Dit wordt ook wel de werkingssfeer genoemd. Eigenlijk is het voor elke werkgever van groot belang zo nu en dan een werkingssfeeronderzoek te laten uitvoeren. Dit vraagt om specialistische kennis en gaat veel verder dan alleen even de SBI codes bij je inschrijving bij de Kamer van Koophandel te checken. Als er volgens de werkingssfeer wel sprake is van een of meer verplichtstellingen voor jouw bedrijf maar je bent niet aangesloten, dan heeft dat flinke consequenties. Het is dus van groot belang dit te laten onderzoeken.

Benieuwd wat ik voor jou kan betekenen?

053 - 851 95 10 Emailinfo@htpb.nl Nieuwsbrief